Verhoging wettelijk minimumloon van 7,5% in 2024

Koopkrachtdaling

Als gevolg van de negatieve ontwikkeling van de koopkracht, onder meer door de stijgende energie- en grondstofprijzen, is door het kabinet gekeken naar mogelijkheden voor een verhoging van het minimumloon. Een wetsvoorstel voor een buitengewone verhoging van het wettelijk minimumloon wordt nu uitgewerkt. De Tweede Kamer ontvangt voor de zomer van dit jaar een brief over de vormgeving en het verdere wetgevingsproces. 

Ingrijpende en uitzonderlijke wijziging

Volgens de Wet op het minimumloon en minimumvakantiebijslag (Wml) is er een mogelijkheid om minimaal eens per vier jaar na te gaan of sprake is van bijzondere omstandigheden die een uitzonderlijke wijziging van het minimumloon wenselijk maken. Als daar naar het oordeel van de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) sprake van is, kan de hoogte van het minimumloon worden aangepast middels een Algemene maatregel van Bestuur (AMvB). 

Let op! Aanpassing van de hoogte van het minimumloon heeft gevolgen voor een zeer groot aantal regelingen in de sociale zekerheid, fiscaliteit en toeslagen en ook voor andere regelingen zoals de studiefinanciering.

Voordeel voor lage en middeninkomens

Bij een uitzonderlijke wijziging van het minimumloon is het mogelijk om de minimumloonverhoging te richten op werknemers met lage en middeninkomens. Dat vergt echter grote aanpassingen van de bestaande systematiek. Een buitengewone minimumloonverhoging gaat veel verder dan de gebruikelijke indexatie met de gemiddelde contractloonstijging. Dan zouden namelijk ook regelingen verhoogd worden die niet uitsluitend gericht zijn op lage en middeninkomens. 

Per 2024

Omdat dit alles zorgvuldig moet gebeuren en de consequenties voor andere regelingen groot zijn, is het niet mogelijk de uitzonderlijke wijziging van het minimumloon eerder dan 1 januari 2024 te laten ingaan.

Let op! De bijzondere verhoging van 7,5% moet dus nog worden uitgewerkt in een wetsvoorstel. Dit wetsvoorstel moet vervolgens ook nog worden goedgekeurd door de Tweede en Eerste Kamer.

Menu