Tijdelijke Noodmaatregel Overbrugging Werkgelegenheid (NOW) 3.0 en verder

De NOW-regeling is bedoeld voor werkgevers die als gevolg van het coronavirus kampen met een substantieel omzetverlies (ten minste 20%). Werkgevers kunnen bij het UWV een aanvraag indienen voor een tegemoetkoming in de loonkosten.

Tijdvakken NOW

  • 1e aanvraagperiode – betreft maart, april, mei 2020 (NOW 1)
  • 2e aanvraagperiode – betreft juni, juli, augustus, september 2020 (NOW 2)
  • 3e aanvraagperiode – betreft oktober, november, december 2020 (NOW 3.1)
  • 4e aanvraagperiode – betreft januari, februari, maart 2021 (NOW 3.2)
  • 5e aanvraagperiode – betreft april, mei, juni 2021 (NOW 3.3)
  • 6e aanvraagperiode – betreft juli, augustus, september 2021
  • 7e aanvraagperiode – betreft november en december 2021
  • 8e aanvraagperiode – betreft januari, februari, maart 2022

NB: Voor elk tijdvak kan een werkgever besluiten om wel of geen aanvraag te doen. Klik hier voor de verschillende deadlines.

De belangrijkste voorwaarden NOW

  • Een bedrijf heeft ten minste 20% omzetverlies (zie onderstaande)
  • Werkgevers hebben een inspanningsverplichting om hun werknemers te stimuleren een ontwikkeladvies aan te vragen of scholing te volgen voor behoud van werk
  • Afhankelijk van de hoogte van de subsidie en de NOW-tranche mogen bedrijven geen dividend of bonus uitkeren
  • De werkgever heeft een 100% doorbetalingsverplichting aan werknemers en heeft een inspanningsverplichting
  • De werkgever is verplicht om de subsidie te gebruiken voor de betaling van de loonkosten, werkgeverspremies, werknemersbijdragen aan pensioen etc.
  • De werkgever is verplicht om de werknemers te informeren over een toegekende aanvraag.
  • De werkgever moet een controleerbare administratie voeren.
  • De werkgever moet na afloop van de subsidieperiode een definitieve opgave van het omzetverlies indienen. Afhankelijk van de hoogte van de subsidie is hierbij een derdenverklaring of accountantsverklaring vereist.

De tegemoetkoming

De hoogte van de tegemoetkoming is onder andere afhankelijk van de terugval in omzet. Voor NOW 3.1 is de tegemoetkoming maximaal 80% van de loonkosten, vanaf NOW 3.2 is dit 85%. Op basis van de aanvraag verstrekt het UWV een voorschot ter hoogte van 80% van de verwachte tegemoetkoming. Achteraf wordt vastgesteld wat de werkelijke daling in de omzet is geweest en wordt gerekend met de werkelijke loonsom. Als er sprake is geweest van een daling van de loonsom, vindt er een correctie plaats.

Omzetverlies vanaf NOW 3.0

In de basis heeft u keuze waarin de periode van omzetverlies aanvangt. Heeft u gebruik gemaakt van een eerdere (aaneengesloten tranche), dan heeft u deze keuze niet,

  • Voor NOW 3.1 is dit 1 oktober, 1 november of 1 december 2020 (t.o.v. omzet 2019 gedeeld door 4)
  • Voor NOW 3.2 is dit 1 januari, 1 februari of 1 maart 2021 (t.o.v. omzet 2019 gedeeld door 4)
  • Voor NOW 3.3 is dit 1 april , 1 mei of 1 juni 2021 (t.o.v. omzet 2019 gedeeld door 4)
  • Voor NOW 4 is dit 1 juli, 1 augustus of 1 september 2021 (t.o.v. omzet 2019 gedeeld door 4)
  • Voor de 7e aanvraagperiode betreft het omzetverlies de maanden november en december 2021 (t.o.v. omzet 2019 gedeeld door 6)
  • Voor de 8e aanvraagperiode betreft het een omzetverlies januari/februari/maart 2022 (t.o.v. omzet 2019 gedeeld door 4)

Bij de omzet wordt aangesloten bij het toerekeningbeginsel uit het jaarrekeningrecht. U kijkt dus niet daar de factuurdatum maar naar de periode waarin de omzet toegerekend wordt. In het geval van een concern, kijkt u in de basis naar het omzetverlies van de gehele groep. U kunt opteren voor een omzetverlies op werkmaatschappij niveau, echter heeft u dan bij de definitieve afrekening altijd een accountantsverklaring nodig. Vanaf NOW 3 telt de TVL niet meer voor de omzet.

Berekening van NOW 3.0

In de basis gelden de volgende berekeningen voor het voorschot:

  • Voorschot 3e aanvraagperiode: 80% van ( 3 x loonsom juni 2020 x 1,4 x %omzetverlies x 80%)
  • Voorschot 4e en 5e aanvraagperiode: 80% van ( 3 x loonsom juni 2020 x 1,4 x %omzetverlies x 85%)
  • Voorschot 6e aanvraagperiode: 80% van ( 3 x loonsom februari 2021 x 1,4 x %omzetverlies x 85%)
  • Voorschot 7e aanvraagperiode: 80% van ( 2 x loonsom september 2021 x 1,4 x %omzetverlies x 85%)
  • Voorschot 8e aanvraagperiode: 80% van ( 3 x loonsom oktober 2021 x 1,3 x %omzetverlies x 85%)

Definitieve berekening:

  • Omzetverlies: bij de definitieve berekening wordt gerekend met het werkelijke omzetverlies
  • Loonsom: de loonsom van de subsidieperiode wordt vergeleken met de loonsom in de voorschotberekening. Uw loonsom mag, afhankelijk van de aanvraagperiode 0, 10% of 15% dalen zonder dat, dat gevolgen heeft voor de subsidie.

Verklaring

Afhankelijk van de hoogte van het voorschot en de hoogte van de definitieve tegemoetkoming is een derdenverklaring of accountantsverklaring vereist.

In de volgende situaties is bij NOW 1 en 2 een derdenverklaring verplicht:

  • Bij een voorschot tussen € 20.000 en € 100.000.
  • Bij een definitieve tegemoetkoming tussen € 25.000 en € 125.000 (ongeacht de hoogte van het voorschot).

In de volgende situaties is bij NOW 1 en 2 een accountantsverklaring verplicht:

  • Bij een voorschot van € 100.000 of meer.
  • Bij een definitieve tegemoetkoming van € 125.000 of meer (ongeacht de hoogte van het betaalde voorschot).
  • Bij een aanvraag op werkmaatschappijniveau (omdat het concern of de groep onder de 20% omzetverlies komt). In deze situatie maakt het niet uit hoe hoog de tegemoetkoming of het voorschot is.

Voor NOW 3 en verder, gelden de volgende regels:

  • Bij een voorschot / subsidie tot € 40.000 is geen verklaring nodig.
  • Bij een voorschot / subsidie tussen de € 40.000 – € 125.000 is een derdenverklaring nodig.
  • Bij een voorschot / subsidie tussen de € 125.000 – € 375.000 is een accountantsproduct conform NV COS 4415N nodig.
  • Bij een aanvraag op werkmaatschappij (6a) is altijd een een accountantsproduct conform NV COS 3900N nodig.
Menu