Tijdelijke Noodmaatregel Overbrugging Werkgelegenheid (NOW) 3.0 en 4.0

Vanaf maart tot en met september 2020 zijn de NOW1 en NOW2 van kracht geweest. Per 1 oktober 2020 geldt de NOW3. De NOW3 bestaat uit 3 tijdvakken van 3 maanden, tot 1 juli 2021. Het Kabinet heeft aangekondigd ook een NOW 4 open te stellen. Deze geldt voor Q3-2021. De NOW-regeling is bedoeld voor werkgevers die als gevolg van het coronavirus kampen met een substantieel omzetverlies (ten minste 20%). Werkgevers kunnen bij het UWV een aanvraag indienen voor een tegemoetkoming in de loonkosten.

Tijdvakken NOW

  • NOW 1.0 (= 1e aanvraagperiode) betreft maart, april, mei 2020
  • NOW 2.0 (= 2e aanvraagperiode) betreft juni, juli, augustus, september 2020
  • NOW 3.1 (= 3e aanvraagperiode) betreft oktober, november, december 2020
  • NOW 3.2 (= 4e aanvraagperiode) betreft januari, februari, maart 2021
  • NOW 3.3 (= 5e aanvraagperiode) betreft april, mei, juni 2021
  • NOW 4.0 (= 6e aanvraagperiode) betreft juli, augustus, september 2021

NB: Voor elk tijdvak kan een werkgever besluiten om wel of geen aanvraag te doen. 

De belangrijkste voorwaarden NOW 3

  • Een bedrijf heeft ten minste 20% omzetverlies (zie onderstaande)
  • Werkgevers hebben een inspanningsverplichting om hun werknemers te stimuleren een ontwikkeladvies aan te vragen of scholing te volgen voor behoud van werk
  • Afhankelijk van de hoogte van de subsidie mogen bedrijven over 2020 (voor NOW3.1) en/of over 2021 (voor NOW3.2 en 3.3) geen dividend of bonus uitkeren
  • De werkgever heeft een 100% doorbetalingsverplichting aan werknemers
  • De werkgever is verplicht om de subsidie te gebruiken voor de betaling van de loonkosten, werkgeverspremies, werknemersbijdragen aan pensioen etc.
  • De werkgever is verplicht om de werknemers te informeren over een toegekende aanvraag.
  • De werkgever moet een controleerbare administratie voeren.
  • De werkgever moet na afloop van de subsidieperiode een definitieve opgave van het omzetverlies indienen. Afhankelijk van de hoogte van de subsidie is hierbij een derdenverklaring of accountantsverklaring vereist.

De tegemoetkoming

De hoogte van de tegemoetkoming is onder andere afhankelijk van de terugval in omzet. Voor NOW 3.1 is de tegemoetkoming maximaal 80% van de loonkosten, voor NOW 3.2 en 3.3 is dit 85%. Op basis van de aanvraag verstrekt het UWV een voorschot ter hoogte van 80% van de verwachte tegemoetkoming. Achteraf wordt vastgesteld wat de werkelijke daling in de omzet is geweest en wordt gerekend met de werkelijke loonsom. Als er sprake is geweest van een daling van de loonsom, vindt er een correctie plaats.

Omzetverlies NOW 3 en 4

In de basis heeft u keuze waarin de periode van omzetverlies aanvangt. Heeft u gebruik gemaakt van een eerdere (aaneengesloten tranche), dan heeft u deze keuze niet,

  • Voor NOW 3.1 is dit 1 oktober, 1 november of 1 december 2020
  • Voor NOW 3.2 is dit 1 januari, 1 februari of 1 maart 2021
  • Voor NOW 3.3 is dit 1 april , 1 mei of 1 juni 2021
  • Voor NOW 4 is dit 1 juli, 1 augustus of 1 september 2021

Het omzetverlies berekent u door de verwachte omzet in de (gekozen) driemaandsperiode te vergelijken met de referentieomzet. De referentieomzet is 1/4 deel van de omzet over 2019. Bij de omzet wordt aangesloten bij het toerekeningbeginsel uit het jaarrekeningrecht. U kijkt dus niet daar de factuurdatum maar naar de periode waarin de omzet toegerekend wordt. In het geval van een concern, kijkt u in de basis naar het omzetverlies van de gehele groep. U kunt opteren voor een omzetverlies op werkmaatschappij niveau, echter heeft u dan bij de definitieve afrekening altijd een accountantsverklaring nodig.

Let op: de TOGS en TVL worden voor de NOW 1 en 2 tot de omzet gerekend. Op 27 mei jl. is aangekondigd dat de TVL voor de NOW 3 en 4 niet meer meetelt als omzet.

Berekening NOW 3 en 4

Voorschot: 80% van (3 x Loonsom x 1,4 x %omzetverlies x %tegemoetkoming)

  • Loonsom: voor de loonsom wordt gebruikt gemaakt van het sv-loon over juni 2020 (zoals bij het UWV bekend op 26 augustus 2020). Het gaat om de totale loonsom exclusief vakantiegeld, dertiende maand of eindejaarsuitkering. Per werknemer geldt een maximum. Voor NOW 4 is dit de loonsom over februari 2021.
  • Opslag 40%: dit is om kosten zoals werkgeverspremies, werknemersbijdragen aan pensioen en de opbouw van vakantiegeld te compenseren.
  • Omzetverlies%: zie hiervoor bovenstaande (bij NOW 4 is dit tussen 20%-80%)
  • Tegemoetkoming: voor NOW 3.1 is dit 80%, bij NOW 3.2, 3.3 en 4 is dit 85%

Let op: bij NOW 4 is de bovengrens van het omzetverlies 80%.

Definitieve berekening:

  • Omzetverlies: bij de definitieve berekening wordt gerekend met het werkelijke omzetverlies
  • Loonsom, mocht de werkelijke loonsom meer dan 10% lager zijn dan 3x de loonsom over juni (en voor NOW 4 februari), dan vindt er een correctie plaats. Let op in deze correctie wordt het percentage van het omzetverlies niet meegenomen in de berekening van de vermindering.
    • Voor NOW 3.1 wordt gekeken naar de loonsom over oktober, november en december 2020.
    • Voor NOW 3.2 wordt gekeken naar de werkelijke loonsom over januari, februari en maart 2021.
    • Voor NOW 3.3 wordt gekeken naar de werkelijke loonsom over april, mei, juni 2021
    • Voor NOW 4 wordt gekeken naar de werkelijke loonsom over juli, augustus, september 2021

Verklaring

Afhankelijk van de hoogte van het voorschot en de hoogte van de definitieve tegemoetkoming is een derdenverklaring of accountantsverklaring vereist.

In de volgende situaties is bij NOW 1 en 2 een derdenverklaring verplicht:

  • Bij een voorschot tussen € 20.000 en € 100.000.
  • Bij een definitieve tegemoetkoming tussen € 25.000 en € 125.000 (ongeacht de hoogte van het voorschot).

Op 27 mei jl. is aangekondigd dat de grenzen voor de derdenverklaring bij NOW 3 en 4 naar € 40.000 gaat.

In de volgende situaties is bij NOW 1 en 2 een accountantsverklaring verplicht:

  • Bij een voorschot van € 100.000 of meer.
  • Bij een definitieve tegemoetkoming van € 125.000 of meer (ongeacht de hoogte van het betaalde voorschot).
  • Bij een aanvraag op werkmaatschappijniveau (omdat het concern of de groep onder de 20% omzetverlies komt). In deze situatie maakt het niet uit hoe hoog de tegemoetkoming of het voorschot is.

Op 27 mei jl. is aangekondigd dat de grenzen voor de accountantsverklaring bij NOW 3 en 4 naar € 125.000 gaat. Daarnaast komt er een onderscheid bij de verklaring op werkmaatschappij niveau. Tot een subsidiebedrag van € 375.000 is een verklaring met een beperkte mate van zekerheid vereist (i.p.v. redelijke mate van zekerheid)

Menu